nieuws

'Een gouden stadsblues', Stille grond in De Limburger, 26-09-17 26 september 2017

Stille gronden en de stad verandert steeds
DOOR KOEN EYKHOUT
DE LIMBURGER, 26 SEPTEMBER 2017

Voor het Financieele Dagblad schreef Sanneke van Hassel, de ‘ongekroonde vorstin van het korte verhaal’, in 2014 wekelijks een tekst bij een foto uit de expositie DeKracht van Rotterdam. Twaalf jonge Rotterdamse fotografen maakten foto’s van steeds een andere wijk. De foto’s moesten tonen hoe de stad verandert. Foto’s en teksten werden gebundeld in Hier blijf ik. Misschien inspireerde dit haar tot het schrijven van de roman Stille grond. Die gaat over de veranderende stad. Denk aan wat regisseur Wim Wenders doet in films als Himmel über Berlin, Paris Texas of Pia: bijna vergeten plekken blijken alles bepalend. Ze kunnen er glazen hoogbouw plannen of een opvang voor daklozen. Van Hassel vertelt haar verhalen vanuit het gezichtspunt van buitenstaanders. Die zien veranderingen het best. Zij observeren. Zij staan buiten. Letterlijk soms.
Zoals de daklozen van Smallenburg, een daklozenopvang in het boek, gerund door Johannes, welzijnswerker met groene vingers. Het liefst ziet hij zijn daklozen aan de slag in de moestuin van Smallenburg. Johannes is een dromer. Hij zit echter klem tussen de eisen van de daklozen, de bestuurders van de stad die Smallenburg bij voortduring zien aangevallen door populisten in en buiten de gemeenteraad, boze omwonenden en zichzelf. Johannes is streng protestants opgevoed, wat leidde tot een moeizame relatie met seks. Zondig! Een van de daklozen is een sexy vrouw en Johannes belandt op zoek naar haar en gestuurd door zijn verlangens in een door de schrijfster bloedmooi geschreven odyssee naar een drugspand aan de zwarte rand van de stad.
Tweede hoofdpersoon is Landa: getrouwd, baby, geld zat, witte wijnvriendinnen en - daar ligt het conflict - woonachtig in ‘de gouden flat’, zeven hoog, recht tegenover de daklozen in hun centrum. Ook Landa zit klem. Tussen de zorg voor de baby, haar vriendinnen, een dementerende moeder en haar verlangen naar een ander leven. Landa en Johannes lijken als boze buren in de strijd om de ‘stille grond’ elkaars tegenstanders. Je ziet, dankzij het talent van Van Hassel, dat ze allebei vastzitten achter de tralies van hun bestaan. Welke ‘stille grond’ heeft hun bestaan? ‘Grond’ als ‘drijfveer’. Landa dreigt voor het karretje te worden gespannen van een louche projectontwikkelaar die als lokale populist eigenbelang in het vaandel draagt en Johannes moet vooral met zichzelf in het reine komen. Stille gronden en diepe waters. Van Hassel staat in de traditie van Raymond Carver, Nescio en Campert. Schijnbaar gaat het om kleine dingen en kleine mensen. Ze toont echter de wereld zoals die is: onberekenbaar, altijd in beweging. Stille grond is nooit stil. Een gouden stadsblues voor je hart, dit boek.


volgende >